Technische toelichting

Update 1 mei 2024: alle cijfers voor 2016 t/m 2021 zijn geactualiseerd en de voorlopige inkomenscijfers voor 2022 zijn toegevoegd. Door de actualisering van de cijfers kunnen de aantallen iets afwijken ten opzichte van eerdere momenten voor zowel de basis armoedescan als de lokale armoedescan.

Inleiding

Het CBS heeft eerder met een tiental gemeenten een armoedemonitor ontwikkeld, waarmee die gemeenten de mogelijkheid hebben om te bepalen waar de doelgroep voor armoederegelingen zich bevindt en wat het gebruik is van de regelingen. Deze monitor is het product van een combinatie van de gegevens beschikbaar bij gemeenten en die bij het CBS. Ondanks dat mensen met een laag inkomen vaak recht hebben op inkomensondersteunende regelingen, weten niet alle inwoners hoe ze toegang kunnen krijgen tot deze regelingen. Dit komt omdat niet altijd duidelijk is waar de doelgroep zich bevindt, bijvoorbeeld in welke wijk. Gemeenten die dit wel op wijkniveau in kaart hebben gebracht, weten vervolgens onvoldoende over de specifieke kenmerken van de doelgroep en/of de specifieke succesfactoren van verschillende aanpakken per doelgroep om effectief de armoederegelingen onder de aandacht te brengen. Vaak omdat specifieke data op minimaal wijkniveau of per doelgroep ontbreekt. Dit dashboard voorziet in deze behoefte.

Het dashboard bestaat uit twee onderdelen. De basis Armoedescan en de lokale Armoedescan.

De basis Armoedescan

De Basis armoedescan biedt voor alle gemeenten in Nederland informatie over de huishoudens die onder verschillende armoedegrenzen leven. Het dashboard geeft per gemeente inzicht in de omvang van deze groep, hun kenmerken en in welke wijk of buurt ze binnen de gemeente wonen. Ook geeft het dashboard inzicht in de ontwikkeling over tijd en is het mogelijk gemeenten met elkaar en met landelijke cijfers te vergelijken.

De lokale Armoedescan

Het onderdeel lokale Armoedescan biedt inzicht in het bereik van lokale minimaregelingen. Het laat zien welk percentage van de minima per gemeente gebruikmaakt van deze regelingen. Er kan dus ook worden bepaald hoeveel en welke huishoudens geen gebruik maken van bepaalde regelingen, terwijl ze daar wel recht op hebben. Als voorbeeld: de gemeente ’s-Gravenhage kan middels het dashboard inzicht krijgen in hoeverre de Ooievaarspas daadwerkelijk wordt aangevraagd door de mensen die daar volgens de voorwaarden recht op hebben. Daarbij is het ook mogelijk om in te zoomen op bepaalde kenmerken van het huishouden, zoals de voornaamste inkomstenbron of de samenstelling van het huishouden.

De lokale minimaregelingen verschillen per gemeente en worden niet landelijk verzameld. Voor de lokale armoedescan werkt het CBS samen met geïnteresseerde gemeente om het bereik van de regelingen in kaart te brengen. Momenteel zijn de volgende Gemeenten aan het lokale armoedescan toegevoegd: ’s-Gravenhage, Leiden, Eersel, Reusel-De Mierden, Bladel, Bergeijk, Oirschot, Groningen, Schagen, Dordrecht, Nijmegen en Arnhem. Elke gemeente die wil meedoen, kan toegevoegd worden aan het dashboard. Gebruiksgegevens van gemeentelijke regelingen worden gekoppeld aan CBS-data waardoor het (niet-)gebruik van de doelpopulatie in kaart kan worden gebracht.

Vanaf mei 2024 kunnen de gemeentelijke gegevens omtrent het gebruik van regelingen voor het jaar 2022 aan het dashboard worden toegevoegd.

Populatie

De onderzoekspopulatie bestaat uit alle particuliere huishoudens met inkomen, per 1 januari van het verslagjaar; studentenhuishoudens en huishoudens die slechts een deel van het jaar inkomen hadden zijn buiten beschouwing gebleven.

Onderzoeksmethode

Voor de Nederlandse populatie zijn verschillende doelgroepen van minimahuishoudens in kaart gebracht. Deze doelgroepen verschillen op het gebied van huishoudinkomen. Zo zijn er doelgroepen afgebakend vanaf een inkomen tot 101 procent van het sociaal minimum tot aan een inkomen tot 150 procent van het sociaal minimum. Ook zijn doelgroepen gedefinieerd die vier jaar eenopvolgend een inkomen hebben onder het sociaal minimum. Deze verschillende doelgroepen zijn afgezet tegen verschillende achtergrondkenmerken zoals de leeftijd van de hoofdkostwinner, de migratieachtergrond van de hoofdkostwinner en de voornaamste inkomstenbron van het huishouden. Verder is het mogelijk de doelgroepen per gemeente te bekijken en met andere gemeenten te vergelijken:
-De Kempengemeenten hebben bestanden aangeleverd met personen die in 2017 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Leiden heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2017, 2018 of 2019 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Groningen heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2019 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-’s-Gravenhage heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2017, 2018, 2019, 2020 of 2021 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Schagen heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2018, 2019, 2020 of 2021 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Arnhem heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2019, 2020 of 2021 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Dordrecht heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2020 en 2021 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
-Nijmegen heeft bestanden aangeleverd met personen die in 2022 gebruik hebben gemaakt van gemeentelijke regelingen voor minimabeleid.
Per huishouden is weergegeven van welke specifieke regeling(en) een of meerdere personen in het huishouden gebruik heeft gemaakt.

De personen uit de bestanden van de gemeenten zijn aan inkomensbestanden van 2016, 2017, 2018, 2019, 2020, 2021 of 2022 van het CBS gekoppeld. Op basis van deze bestanden is per huishouden bepaald hoe hoog het besteedbaar huishoudinkomen is ten opzichte van het sociaal minimum.

Het bereik van de regelingen is berekend door de huishoudens die recht hebben op een regeling af te zetten tegen het daadwerkelijke gebruik van de regeling door deze huishoudens. De voorwaarden om in aanmerking te komen voor een regeling kunnen verschillen. Vaak hebben de voorwaarden betrekking op het inkomen en op het vermogen en soms worden er aanvullende voorwaarden gesteld. Wanneer er wordt gesproken over vermogen bij een inkomen onder het sociaal minimum, dan betekent dat de vermogensgrens volgens de Participatiewet van dat jaar. Voor 1 januari 2022 op ligt die grens voor een eenpersoonshuishouden op € 6 505. Voor meerpersoonshuishoudens ligt de vermogensgrens op € 13 010 (per verslagjaar zijn de vermogensgrenzen van het betreffende verslagjaar gehanteerd). Daarnaast mag de overwaarde van de woning niet meer bedragen dan € 54 900. Waar het gaat over langdurig inkomen ten opzicht van het sociaal minimum, wordt voor de vermogenstoets alleen gekeken naar het vermogen van het betreffende jaar en niet van de afgelopen drie jaar. De geldende bedragen uit de participatiewet worden jaarlijks aangepast.

Arnhem

Voor de tegemoetkoming meerkosten chronisch zieken en gehandicapten in de gemeente Arnhem zijn er een aantal voorwaarden die extra toelichting vereisen. Voor tegemoetkoming meerkosten chronisch zieken en gehandicapten gelden de volgende voorwaarden:
-Een inkomen tot maximaal 150% van het sociaal minimum.
-Een vermogen kleiner dan € 10 000 voor een eenpersoonshuishouden en € 20 000 voor een meerpersoonshuishouden, exclusief overwaarde woning.
-Heeft een eigen bijdrage betaald aan het CAK voor WMO-hulpmiddelen of zorg thuis óf een rolstoel ontvangen van de gemeente op basis van WMO óf is in bezit van een AVAN vervoerspas voor aanvullend vervoer op basis van de WMO of de zorgtaxi.
-Heeft vorig jaar (in dit geval 2020) het volledige eigen risico van de zorgverzekering gebruikt.

Dordrecht

Voor de regeling Kwijtschelding gemeentelijke belastingen is het niet mogelijk om met CBS-data alle voorwaarden te toetsen waar de Gemeente Dordrecht op toetst om in aanmerking te komen voor de regeling. Zo toetst de gemeente Dordrecht aanvullend op de volgende voorwaarden die niet met behulp van CBS-data zijn te toetsen:
-In het betreffende jaar geen auto/motor gekocht of gekregen.
-De waarde van de auto/motor is minder dan € 3.350.
-Het al dan niet hebben van een eigen bedrijf.
-Aanslag niet langer dan 3 maanden geleden betaald.
Het gevolg is dat de totale doelgroep voor de regeling in de berekeningen groter is dan in werkelijkheid. Er worden namelijk huishoudens meegenomen in de doelpopulatie die volgens de voorwaarden geen recht hebben op de regeling. Hierdoor valt het ‘bereikpercentage’ kunstmatig lager uit.

Voor de regeling Persoonlijk minimabudget voor de gemeente Dordrecht is het niet mogelijk om met CBS-data op alle voorwaarden te toetsen waar de Gemeente Dordrecht op toetst om in aanmerking te komen voor de regeling. Zo dient een persoon meer dan 12 maanden een inkomen onder het sociaal minimum te hebben. Doordat de inkomensstatistiek van het CBS op jaarniveau is, kan er enkel getoetst worden op een inkomen onder het sociaal minimum gedurende het gehele jaar. In deze analyse is gekozen om alleen huishoudens te selecteren die in het verslagjaar een inkomen hadden tot en met de betreffende inkomensgrens, en dus niet ‘minimaal’ 12 maanden. Het gevolg is dat de totale doelgroep voor de regeling in de berekeningen groter is dan in werkelijkheid. Er worden namelijk huishoudens meegenomen in de doelpopulatie die volgens de voorwaarden geen recht hebben op de regeling. Hierdoor valt het ‘bereikpercentage’ kunstmatig lager uit.

Nijmegen

Voor de Bijzondere Bijstand in de gemeente Nijmegen gelden er verschillende inkomensgrenzen ten opzichte van het sociaal minimum onder verschillende voorwaarden:
-Voor Gepensioneerden: 120%.
-Voor personen met een Wmo-voorziening: 120%.
-Voor personen met een Wlz-voorziening: 120%.
-Voor personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering (WAO, WIA, WAZ, Wajong): 120%.
-Voor personen met 2 minderjarige kinderen of meer: 120%.
-Voor personen met 1 minderjarig kind: 110%.
Indien niet aan een van de bovenstaande voorwaarden wordt voldaan geldt een grens van 100% van het sociaal minumum.
De gemeente Nijmegen toetst op de volgende voorwaarden die niet met behulp van CBS-data zijn te toetsen:
-Voor personen die langer dan 3 maanden in een inrichting verblijven.

Aandachtspunten bij de cijfers

In dit onderzoek is voor 2022 gebruik gemaakt van voorlopige gegevens over inkomens en vermogens van huishoudens. Voor 2016, 2017, 2018, 2019, 2020 en 2021 zijn de definitieve gegevens over inkomens en vermogens van huishoudens gebruikt. Hierdoor kan het voorkomen dat voorlopige cijfers bij eerdere versies van de armoedemonitor iets afwijken van de definitieve cijfers in dit dashboard. Begin 2025 worden de voorlopige gegevens voor 2023 toegevoegd en zullen de voorlopige gegevens van 2022 vervangen worden door de definitieve gegevens van 2022.

De gemeentelijke indelingen en de wijk- en buurtindelingen die gebruikt zijn voor alle verslagjaren zijn die van 2023.

Het kenmerk “Problematisch schulden” is pas vanaf het verslagjaar 2021 beschikbaar, omdat vanaf dit verslagjaar alle schuldenbronnen beschikbaar zijn. Deze definitie wijkt af van eerdere versies op het dashboard. Voor meer informatie over de verschillen tussen de definities, zie CBS-Dashboard Schuldenproblematiek In Beeld

Het verbruik van eigen risico van de zorgverzekering is berekend door de vergoede kosten door de zorgverzekeraar (exclusief kosten voor de huisarts, geboortezorg, verpleging en verzorging, en multidisciplinaire zorg) af te halen van het eigen risico. Voor de geboortezorg geldt wel dat de zorg die door de gynaecoloog wordt verleend in de ziekenhuiskosten zit. Hier wordt in de berekening dus ten onrechte eigen risico aan toegekend. Daarnaast wordt er geen rekening gehouden met rekeningen die mensen niet indienen omdat ze het eigen risico niet volmaken. Gezien de meeste (zorg-)aanbieders zelf de rekening naar de verzekeraar sturen zal dit geen grote afwijking opleveren.

Bronnen

Algemene beschrijving
Het bestand bevat het jaarinkomen van alle huishoudens behorende tot de bevolking van Nederland op 1 januari van het verslagjaar.

Leverancier
De belangrijkste berichtgever is de Belastingdienst.

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Jaarlijks sinds 2011

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Het bestand bevat het jaarinkomen van alle personen behorende tot de bevolking van Nederland op 1 januari van het verslagjaar.

Leverancier
De belangrijkste berichtgever is de Belastingdienst.

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Jaarlijks sinds 2011

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Het Stelsel van Sociaal-statistische Bestanden is een stelsel van registers en enqutes, die op persoonsniveau kunnen worden gekoppeld. Per jaargang worden meer dan 50 verschillende registers gebruikt. Deze registers hebben betrekking op verschillende sociaaleconomische onderwerpen, zoals banen, uitkeringen, woningen, huishoudens, bedrijven en onderwijs. De doelpopulatie van het SSB bestaat uit alle personen die in Nederland wonen, en personen die niet in Nederland wonen maar in Nederland werken of een uitkering dan wel pensioen vanuit Nederland ontvangen.

Leverancier
CBS op basis van verschillende registers en enqutes.

Integraal of steekproef
Integraal en steekproef.

Periodiciteit
Varieert.

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2019 woonachtig waren in Groningen en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Kwijtschelding gemeentelijke belastingen;
- Bijzondere Bijstand;
- Schuldhulpverlening;
- Stadjerspas.

Leverancier
Groningen

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2019

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2017 woonachtig waren in een van de vijf Kempengemeenten en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeenten boden in 2017 en 2018 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Zorgkostenverzekering voor minima;
- Participatieregeling 18+ (2018);
- Individuele inkomenstoeslag.

Leverancier
Eersel, Reusel-De Mierden, Bladel, Bergeijk en Oirschot

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2017 en 2018

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2017, 2018 of 2019 woonachtig waren in Leiden en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2017, 2018 en 2019 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Collectieve zorgverzekering minima;
- Declaratieregeling Maatschappelijke Participatie;
- Leermiddelenregeling;
- Regeling Schoolbijdrage.

Leverancier
Leiden

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2017, 2018 en 2019

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2017, 2018, 2019, 2020 of 2021 woonachtig waren in 's-Gravenhage en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2017, 2018, 2019 en 2020 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Bijzondere bijstand;
- Collectieve zorgverzekering;
- Fonds chronisch zieken en gehandicapten;
- Individuele inkomenstoeslag;
- Kwijtschelding gemeentelijke belastingen;
- Leergeld schoolspullenpas;
- Leergeld totaal;
- Ooievaarspas;
- Tegemoetkoming ouderbijdrage (Alleen voor de jaren 2017 t/m 2019).

Leverancier
s-Gravenhage

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2017, 2018, 2019, en 2020

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2019, 2020 of 2021 woonachtig waren in Arnhem en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2019, 2020 en 2021 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Bijzondere bijstand;
- Collectieve zorgverzekering;
- Gelrepas;
- Individuele inkomenstoeslag;
- Kwijtschelding gemeentelijke belastingen;
- Tegemoetkoming meerkosten chronische zieken en gehandicapten (alleen voor 2021).

Leverancier
Arnhem

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2019, 2020, en 2021

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2020 of 2021 woonachtig waren in Dordrecht en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2020 en 2021 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Bijzondere bijstand;
- Persoonlijk minimabudget;
- Kwijtschelding gemeentelijke belastingen.

Leverancier
Dordrecht

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2020 en 2021

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2018, 2019, 2020 of 2021 woonachtig waren in Schagen en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2018, 2019, 2020 en 2021 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- AZG aanvullende zorgverzekering;
- Bijzondere bijstand;
- Geluksbudget;
- Individuele inkomenstoeslag;
- Kindpakket;
- Ouderenpakket;
- Schuldenregeling.

Leverancier
Schagen

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2020 en 2021

Bijzonderheden
-
Algemene beschrijving
Dit bestand bevat gegevens over personen die in 2022 woonachtig waren in Nijmegen en gebruik hebben gemaakt van de gemeentelijke regelingen voor minimabeleid. De gemeente bood in 2022 een aantal regelingen aan. Van de volgende regelingen heeft het CBS gegevens aangeleverd gekregen:
- Individiduele inkomenstoeslag;
- Bijzondere bijstand;
- Collectieve aanvullende ziektekostenverzekering
- Meedoenregeling;
- Busvoordeelabonnement
- Energietoeslag.

Leverancier
Nijmegen

Integraal of steekproef
Integraal

Periodiciteit
Eenmalig bestand voor 2022

Bijzonderheden
-

Begrippen

Het wettelijk bestaansminimum zoals dat in de politieke besluitvorming is vastgesteld. Dit wordt ook wel het beleidsmatig minimum genoemd. Voor een uitgebreidere definitie en een uitleg hoe het sociaal minimum berekent wordt, zie https://longreads.cbs.nl/armoede-en-sociale-uitsluiting-2023/perspectieven-op-armoede-en-sociale-uitsluiting/.
Het besteedbaar inkomen bestaat uit het bruto-inkomen van alle huishoudensleden opgeteld verminderd met
- betaalde inkomensoverdrachten zoals alimentatie van de ex-echtgeno(o)t(e),
- premies inkomensverzekeringen zoals premies betaald voor sociale verzekeringen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen in verband met werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en ouderdom en nabestaanden,
- premies ziektekostenverzekeringen, en
- belastingen op inkomen en vermogen.
Particuliere huishoudens, exclusief studentenhuishoudens en institutionele huishoudens, met het gehele jaar een inkomen.
Minimaal één persoon binnen een huishouden maakt gebruik van minimaal één gemeentelijke regeling voor minimabeleid. Binnen een huishouden kan door meerdere personen van meerdere regelingen gebruik worden gemaakt.
Kenmerk dat weergeeft met welk land een persoon verbonden is op basis van het geboorteland van de ouders of van zichzelf. Hierbij is nagegaan of iemand zelf in Nederland of het buitenland geboren is en daarnaast of de ouders in Nederland of elders geboren zijn. Het herkomstland van personen die in het buitenland zijn geboren is bepaald door hun eigen geboorteland. Bij personen die in Nederland geboren zijn, is het herkomstland bepaald door het geboorteland van de ouders. Wanneer beide ouders in het buitenland zijn geboren, is het geboorteland van de moeder leidend in het bepalen van de herkomst. De geboortegegevens van de moeder zijn vaker bekend dan die van de vader. Wanneer de moeder in Nederland is geboren of het geboorteland van de moeder onbekend is, dan wordt het geboorteland van de vader gebruikt.
De persoon in het huishouden met de belangrijkste sociaaleconomische status. Wie binnen een huishouden de hoofdkostwinner is, is afhankelijk van het inkomen en van de samenstelling van het huishouden. De hoofdkostwinner wordt aan de hand van de volgende, achtereenvolgende te hanteren criteria bepaald:
- bij een eenoudergezin is in alle gevallen de ouder de hoofdkostwinner;
- bij (echt)paren is altijd een van de partners de hoofdkostwinner:
a. de partner met het hoogste inkomen uit onderneming (ook als dit negatief is);
b. de partner met het hoogste persoonlijke inkomen;
- degenen met het hoogste inkomen uit onderneming (ook indien dit negatief is);
- degene met het hoogste persoonlijke inkomen.
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en daar bedrijfsmatig worden voorzien in dagelijkse levensbehoeften. Ook de huisvesting vindt bedrijfsmatig plaats. Het gaat om personen in instellingen zoals verpleeg-, verzorgings- en kindertehuizen, gezinsvervangende tehuizen, revalidatiecentra en penitentiaire inrichtingen, die daar in principe voor langere tijd (zullen) verblijven.
Eén of meer personen in het huishouden maakt gebruikt van jeugdreclassering, jeugdhulp en/of jeugdbescherming.
Huishoudens die drie, vier of vijf jaar of langer van een inkomen onder de inkomensgrens moeten rondkomen.
Een kind van 0 tot 18 jaar en thuiswonend.
Waarde van de woning minus de hypotheekschuld.
Eén of meer personen die samen een woonruimte bewonen en zichzelf daar niet-bedrijfsmatig voorzien in de dagelijkse levensbehoeften.
Problematisch schulden is pas vanaf 2021 beschikbaar als kenmerk, omdat vanaf dit verslagjaar alle schuldenbronnen beschikbaar zijn. Een huishouden heeft problematische schulden wanneer ten minste één persoon in het huishouden voldoet aan ten minste één van de volgende criteria:
- Volgt een WSNP-traject.
- Heeft ten minste zes maanden de zorgpremie niet betaald.
- Een betalingsachterstand van een Wet Mulder-boete bij het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) heeft waarvan de tweede aanmaning ten minste twee maanden openstaat, of zich al in een ernstigere wanbetalersfase bevindt. Daarnaast moet het openstaande bedrag in totaal minimaal 50 euro zijn.
- Heeft langer dan 27 maanden een toeslagschuld van totaal minimaal 50 euro openstaan bij de Belastingdienst.
- Heeft langer dan 15 maanden een schuld van totaal minimaal 50 euro voor overige belastingaanslagen openstaan bij de Belastingdienst.
- Heeft een belastingschuld die in de 12 maanden voor het peilmoment oninbaar is geleden.
- Heeft een betalingsachterstand bij de DUO van 3 maanden of langer en van minimaal 270 euro.
- Heeft tenminste 36 maanden een bijstandsvordering openstaan en kan deze uitgaande van de afloscapaciteit bij een laag inkomen niet aflossen in de komende in de 36 maanden. Daarnaast moet het openstaande bedrag in totaal minimaal 50 euro zijn.
- Heeft tenminste 36 maanden een betalingsachterstand bij UWV openstaan en kan deze uitgaande van de afloscapaciteit bij een laag inkomen niet aflossen in de komende in de 36 maanden. Daarnaast moet het openstaande bedrag in totaal minimaal 50 euro zijn.
- Heeft tenminste 36 maanden een betalingsachterstand bij de SVB openstaan en kan deze uitgaande van de afloscapaciteit bij een laag inkomen niet aflossen in de komende in de 36 maanden. Daarnaast moet het openstaande bedrag in totaal minimaal 50 euro zijn.
- Heeft tenminste 36 maanden een betalingsachterstand bij CAK voor de eigen bijdrage Wlz/Wmo openstaan en kan deze uitgaande van de afloscapaciteit bij een laag inkomen niet aflossen in de komende in de 36 maanden. Daarnaast moet het openstaande bedrag in totaal minimaal 50 euro zijn.
Typering van een particulier huishouden op basis van de onderlinge relaties van de personen binnen het huishouden.
Waarde van het totale vermogen van het huishouden. Het vermogen is gelijk aan het verschil tussen de bezittingen (som bank- en spaartegoeden, obligaties en aandelen, eigen woning, ondernemingsvermogen en overige bezittingen) en de schulden (hypotheekschuld eigen woning, overige schulden zoals voor consumptieve doeleinden, financieringen van aandelen, obligaties of rechten op periodieke uitkeringen, schulden voor financiering tweede woning of ander onroerend goed en schulden volgens de wet studiefinanciering) van een huishouden.
De bron waaruit een particulier huishouden in een jaar het meeste inkomen ontvangt. In dit maatwerk wordt inkomen uit vermogen gerekend onder "Overig en onbekend". Dit wijkt af van Statline, waarbij dit tot de groep Pensioen wordt gerekend.
Wettelijke verplichting voor gemeenten om ondersteuning te bieden aan mensen met een beperking. De Wmo is op 1 januari 2007 ingevoerd als een samenvoeging van de Wet voorzieningen Gehandicapten, de Welzijnswet en het onderdeel huishoudelijk verzorging uit de AWBZ.

Afkortingen

BKR - Bureau Krediet Registratie

BZK - (ministerie) van Buitenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

CBS - Centraal Bureau voor de Statistiek

CJIB - Centraal Justitieel Incassobureau

DUO - Dienst Uitvoering Onderwijs

WMO - Wet Maatschappelijke Ondersteuning

WSNP - Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen

VNG - Vereniging van Nederlandse Gemeenten