Foto mensen in speeltuin in Den Haag

Prettig wonen in Den Haag

Het verhaal van het onderzoek naar prettig wonen in Den Haag

Data die helpen bij het beantwoorden van vragen

Dit onderzoek heeft als doel om een antwoord te krijgen op de vraag: welke aspecten bepalen het meest de leefbaarheid in de wijk? Het antwoord op deze vraag geeft de gemeente handvatten bij het prioriteren van de verschillende activiteiten die de leefbaarheid in de wijk moeten bevorderen.

Leefbaarheid is een breed begrip; bijna iedereen verstaat er wel iets anders onder. In dit onderzoek meten we leefbaarheid met het rapportcijfer dat mensen geven voor hoe prettig ze wonen in de wijk.

Vervolgens zijn we op zoek gegaan naar verschillen tussen personen en tussen wijken die samenhangen met een hoger of juist lager rapportcijfer.

De data

De belangrijkste databron voor dit onderzoek is de Landelijke Veiligheidsmonitor. Tussen 2015 en 2017 werden hiervoor 12,5 duizend inwoners van Den Haag gevraagd naar hun mening over de leefbaarheid van hun buurt en over veiligheid.

Naast de Veiligheidsmonitor zijn verschillende andere databronnen gebruikt; veelal registraties die het CBS tot zijn beschikking heeft.

Representatief

De respons op de Veiligheidsmonitor is representatief voor de inwoners van de Haagse wijken. Mensen van wie bekend is dat ze gewoonlijk minder vaak meedoen aan enquêtes, zoals ouderen of mensen met een migratieachtergrond, zijn vaker meegenomen in de steekproef.

Daarnaast wegen meningen van typen mensen die alsnog minder vaak hebben gereageerd, achteraf zwaarder mee in de uitkomsten. Dit betekent dat de resultaten die in dit dashboard staan, betrekking hebben op alle inwoners van de betreffende wijk (dus niet alleen op de inwoners die hebben meegedaan met het onderzoek).

Samenhang en causaliteit

Terug naar de onderzoeksvraag: welke factoren hangen samen met het rapportcijfer op prettig wonen?

Samenhang is niet hetzelfde als causaliteit: we hebben niet onderzocht of de factoren die samenhangen met het rapportcijfer, ook dit rapportcijfer beïnvloeden. Of dat het omgekeerde het geval is. Of zelfs beide. Dit komt doordat de meegenomen factoren op hetzelfde moment zijn gemeten en niet op verschillende momenten in de tijd.

Voorbeeld: we concluderen dat wanneer mensen minder last ervaren van verloedering van de wijk, zoals rommel op straat en hondenpoep, ze prettiger wonen in hun wijk (het rapportcijfer is hoger). Dit kan betekenen dat wanneer de gemeente ervoor gaat zorgen dat er minder rommel en hondenpoep is, het rapportcijfer stijgt. Het omgekeerde kan ook het geval zijn: dat wanneer mensen prettiger wonen, ze ervoor zorgen dat er minder rommel ligt en hondenpoep opruimen. Een derde optie is dat beide gevallen in meer of mindere mate waar zijn.

Stap 1: Keuzes maken in de data

Alle data bij elkaar gaven meer dan zeventig factoren die mee zijn genomen in dit onderzoek. Zoveel factoren kun je niet lukraak in een model stoppen om de computer te laten bepalen wat invloed heeft en wat niet. Om een eerste selectie te maken hierin, hebben we gekeken welke factoren een-op-een een relatie hebben met het rapportcijfer. Met andere woorden: voor welke factoren geldt dat als de score op die factor stijgt het rapportcijfer ook stijgt (of daalt).

Stap 2: Naar een model

Door deze selectie toe te passen bleven er uiteindelijk 50 factoren over.

Deze zijn vervolgens gezamenlijk in een multilevel model getoetst. Factoren die in eerste instantie een significante relatie hebben met prettig wonen, kunnen deze significantie verliezen wanneer er andere aspecten in het model worden meegenomen. Dit kan te maken hebben met het feit dat het ene aspect een andere beïnvloedt. Wanneer twee aspecten in een model worden meegenomen, wordt er bij de ene namelijk gecorrigeerd voor de andere en vice versa.

Bijvoorbeeld: gegeven dat bij iedereen in een wijk even vaak is ingebroken, heeft het algemene gevoel van veiligheid dan nog steeds een significant effect op het rapportcijfer?

Stap 3: Wat betekent het model?

Door verschillende aspecten samen in een model te voegen, valt weer een deel af wat niet significant blijft.

Hierdoor blijven er uiteindelijk 23 factoren over. Deze factoren zijn niet allemaal even sterk verbonden met het rapportcijfer. Sommige hangen sterk samen, andere minder sterk. Alle factoren die uiteindelijk in het model overblijven hangen dus in meer of mindere mate samen met het rapportcijfer. Ze zijn dus allemaal van belang.

Dit betekent niet dat de aspecten die niet significant samenhangen met het rapportcijfer niet belangrijk zijn of niet verbeterd hoeven te worden. Het betekent dat ze geen verschil in rapportcijfer tussen bewoners en wijken verklaren.

Het dashboard

Dit dashboard is ingedeeld in verschillende tabbladen:
  • Het tabblad 'Prettig wonen' laat zien in hoeverre het rapportcijfer dat bewoners geven voor hoe prettig ze wonen per wijk verschilt. Ook kun je hier zien of en welke verschillen er bestaan tussen bewoners die een hoger of juist lager cijfer geven.
  • Bij het tabblad 'Resultaten' staan de uiteindelijke factoren die significant samenhangen met het rapportcijfer. Je ziet hier ook welke factoren het sterkst samenhangen en welke wat minder sterk. Vervolgens kun je per wijk de resultaten bekijken.
  • In het tabblad 'Wijkprofiel' kun je voor alle wijken een groot aantal kenmerken met elkaar vergelijken.
  • Onder 'Download' kun je alle data die in dit dashboard verwerkt zijn en de technische toelichting downloaden.
  • Bij 'Begrippen' vind je een beschrijving van alle gebruikte bronnen en begrippen.
  • Heb je vragen of opmerkingen? Neem dan contact op via het tabblad 'Contact'.

Klik hier om terug naar boven te gaan.

Welk rapportcijfer geven Hagenaars voor prettig wonen in hun wijk?

Er zijn duidelijke verschillen tussen wijken in het rapportcijfer dat inwoners geven voor hoe prettig zij wonen. Dit is gemeten door aan bewoners te vragen: 'Als u door middel van een rapportcijfer van 1 tot en met 10 zou mogen aangeven hoe prettig u het vindt om in uw buurt te wonen, welk cijfer zou u dan geven?'.

Loading...

Wie geven er een hoger of lager rapportcijfer voor prettig wonen?


Bekijk per wijk de verschillen tussen bewoners die een lager of juist hoger rapportcijfer hebben gegeven voor prettig wonen.
Voor een aantal wijken is het aantal mensen dat een 'laag' rapportcijfer geeft dusdanig laag, dat hiervoor geen achtergrondkenmerken gegeven kunnen worden.

Enkele resultaten toegelicht

Welke factoren hangen samen met prettig wonen in Den Haag?

Negentien factoren op het gebied van sociaal, fysiek en veiligheid hebben een (statistisch significante) relatie met het rapportcijfer voor prettig wonen. Hoewel alle negentien kenmerken van belang zijn, heeft de ene factor een sterkere relatie met prettig wonen dan de andere. Een sterke relatie betekent dat een relatief kleine verbetering op dit kenmerk samengaat met een relatief hogere (of juist lagere) score op het rapportcijfer voor prettig wonen.

Er zijn ook vier persoonskenmerken die significant samenhangen met prettig wonen (zoals geslacht en type huishouden). Deze worden niet weergegeven in de figuur. Meer hierover is terug te vinden in de technische toelichting die je kunt vinden onder het tabblad 'Download'. Een uitgebreidere omschrijving van de factoren staat onder het tabblad 'Begrippen'.

Wat zijn de resultaten van het onderzoek voor de Haagse wijken?

Per wijk verschillen de kenmerken en hiermee ook de behoeften van mensen die er wonen. Hierdoor kan een factor belangrijker zijn in de ene wijk dan in een andere wijk. Voor zeven wijken zijn de resultaten in beeld gebracht.

  • Horizontale as: Rangschikking van de factoren op basis van de sterkte van hun relatie met prettig wonen. Factoren aan de rechterkant van de grafiek hebben een sterkere relatie met prettig wonen dan factoren aan de linkerkant van de grafiek.
  • Verticale as: Rankschikking van de score van de wijk op een specifiek factor ten opzichte van alle andere wijken in Den Haag. Dit geeft een idee van hoeveel winst er nog te behalen valt op deze factor. Als een factor in het onderste gedeelte van de grafiek staat, behoort deze wijk tot de laagst scorende wijken van de stad en is er dus in theorie veel verbetering mogelijk.

Bij de grafiek wordt een korte toelichting gegeven op de resultaten per wijk.

Hoe verschillen Haagse wijken van elkaar?

De wijken in Den Haag verschillen van elkaar door de mensen die er wonen, maar ook door de omgeving waarin ze wonen. Je kunt dit grofweg verdelen in vier categorieën: achtergrondkenmerken, sociale kenmerken, kenmerken van de fysieke omgeving en veiligheidskenmerken.
Bekijk en vergelijk hieronder voor een aantal wijken deze verschillende kenmerken. Het gemiddelde voor Den Haag is ook opgenomen. Per categorie kun je kiezen uit diverse kenmerken. Je kunt maximaal vijf gebieden per keer kiezen van de 32 wijken die in dit onderzoek zijn meegenomen.

Achtergrondkenmerken

Sociale kenmerken

Geregistreerde fysieke omgevingskenmerken

Ervaren fysieke omgevingskenmerken

Geregistreerde veiligheidskenmerken

Ervaren veiligheidskenmerken

Bronnen

Open data bronnen

Begrippen

Afkortingen

Verklaring van tekens

Contact

Vragen over dit onderzoek kunnen gestuurd worden aan CBS Urban Data Centers onder vermelding van het referentienummer 180952. Ons emailadres is udc.info@cbs.nl



Voor vragen aan de gemeente Den Haag kunt u contact opnemen met Dienst Publiekszaken via prettigwonen@denhaag.nl